Blog Hendrik-Jan van Arenthals: Passend Onderwijs

15 november, 2018
passend onderwijs

“Was het onderwijs dan niet ‘passend’?” De verontwaardiging was soms groot, bij de wetswijziging in 2014. Iedere school was immers ook al vóór die wetswijziging bezig met een aanpak die bij iedere leerling aansloot. Maar toch ……………….     

Ik herinner me nog die moeder, te gast bij Pauw, die met tranen in haar ogen vertelde hoe zij met haar zoontje met multi-problematiek door zes scholen van kastjes naar blinde muren was gestuurd. De schotten tussen het regulier en de vele vormen van speciaal onderwijs waren vaak nog muren waar je bijna niet overheen kon kijken. En binnen de scholen was het vaak niet anders. Onderwijs en ondersteuning waren werelden op zich. Door de vele schotten waren er ook even zoveel stigma’s in omloop geraakt voor jongeren, stickers die we konden opplakken en waarmee we onze jongeren netjes in hokjes konden plaatsen.

Het was hoog tijd voor inmiddels bekende motto’s als ‘één kind – één plan’, ‘één loket’. Hoog tijd ook voor een blijvende gezamenlijke verantwoordelijkheid. Samen rondom het kind, rondom de jongere.

Ontschotting
In de wetgeving passend onderwijs werden de rugzakjes afgeschaft. Het geheel van bijzondere bekostiging was niet meer alleen bedoeld voor studenten met een labeltje en met addenda op hun onderwijsovereenkomst, maar voor iedereen die ondersteuning nodig had – wanneer dan ook, hoe lang of kort dan ook.  Een goede eerste stap.

Een volgende stap, volgens mij nog belangrijker, is dat we altijd éérst uitgaan van wat mensen wél kunnen. Dat we zien dat veel mensen weliswaar in meer of mindere mate een steuntje in de rug nodig hebben, maar dat dit geen reden is om die mensen in aparte hokjes in te delen. Passend onderwijs was en is dus bedoeld als een streven naar maatwerk voor iedereen, met een wettelijk recht op ondersteuning.

Oude beelden
De oude beelden waren en zijn echter enorm hardnekkig. Onlangs nog hoorde ik in het achtuurjournaal spreken over ‘kinderen die naar het passend onderwijs gaan.’ De term wordt nog steeds vooral geassocieerd met het speciaal onderwijs, met leerlingen en studenten met een bijzondere ondersteuningsvraag. Nu zullen we daar ook zeker bijzondere aandacht voor moeten blijven hebben, maar wanneer we het daarbij laten, schieten we ons doel voorbij. Het gaat erom dat alle jongeren tijdens de ‘reis’ die ze op school afleggen in staat gesteld worden het beste uit zichzelf te halen. We willen dat dit zoveel mogelijk in ons primaire proces verweven is; dat iedereen zich verantwoordelijk blijft voelen, ook wanneer we een ondersteuningsvraag doorverwijzen. Het begrip ‘passend onderwijs’ was zo besmet, dat we binnen Scalda inmiddels al weer geruime tijd spreken van ‘onderwijs op maat’.

Onderwijs op maat
Ik besef dat ook dat affiche verwarrend kan werken, wanneer we bijvoorbeeld kijken naar het ‘maatwerk’ in onderwijskundige concepten. Nu hebben ontwikkelingen als gepersonaliseerd leren en hybridisering (nog twee containerbegrippen), die mogelijkheden voor dergelijk maatwerk bieden, wanneer goed uitgevoerd zeker een functie in ons streven naar onderwijs op maat. Maar laten we het niet te ingewikkeld maken. We willen onze lessen, mentoraat, coaching, remedial teaching, beroepspraktijkvorming enzovoort steeds meer zó inrichten, dat iedere student dat onderwijs en die begeleiding krijgt die bij haar of hem passen. Wanneer het nodig is, zo lang als het nodig is. Iedereen heeft talent. Excellentie is op ieder niveau mogelijk. Iedereen heeft in zekere zin een ondersteuningsvraag. Dát is onderwijs op maat.

Vier jaar verder
Het is nu ruim vier jaar geleden dat de wetswijziging die we ‘passend onderwijs’ noemen is ingegaan. Je hoorde in eerste instantie wel wat bagatelliserende opmerkingen over het mbo. Daar was immers al een zeker recht op ondersteuning, keurig vastgelegd in de addenda en dikwijls verrekend in een vast aantal uren periodieke begeleiding. Het mbo viel ook buiten de samenwerkingsverbanden, waarbij je je kunt afvragen of de ‘doorlopende zorglijnen’ wel voldoende in beeld waren. Intussen weten we hoe groot de opgave is om onderwijs op maat juist ook in het mbo steeds meer te realiseren. Bij Scalda is de tweedelijns studentenbegeleiding inmiddels gedecentraliseerd, organisatorisch dichter bij het onderwijs gebracht. Het gaat er bij ons nu om ook de eerstelijnsbegeleiding te versterken; onderwijs op maat in de klas, in de beroepspraktijkvorming, in praktijkroutes en hybride leeromgevingen. We doen dat onder andere door onderwijs en begeleiding verder met elkaar te verweven.

De studentenreis
Het vmbo duurt zoals bekend vier jaar. Dat betekent dat we dit schooljaar de eerste leerlingen hebben verwelkomd die na de ‘invoering’ van passend onderwijs instromen in het mbo. We hebben de laatste jaren op het gebied van onderwijs op maat veel gedaan, veel bereikt. Toch zullen we de komende jaren flinke stappen moeten blijven zetten in de begeleiding van de studentenreis. Er zijn vele affiches mogelijk: ondersteuningsdenken, integratief onderwijs, passend onderwijs en meer. Bij Scalda spreken we over onderwijs op maat. We zullen daarvoor nog meer samen verantwoordelijkheid moeten nemen. We zullen kijken naar professionalisering van medewerkers, maar bijvoorbeeld ook nadrukkelijk naar de relatie tussen niveau 1 en niveau 2. Wanneer we samen om iedere student heen gaan staan en blijven staan, komen wij, komt iedere student verder. Dan pas hebben we echt ‘passend onderwijs’.